Ramp voor Italiaans links
dinsdag 15 april 2008Silvio Berlusconi wint de verkiezingen voor het parlement en voor de senaat met een ruime voorsprong op de democratische partij van Walter Veltroni. Berlusconi’s coalitie, Volk van de Vrijheid, krijgt opnieuw de macht in Italië. Even omgerekend betekent dat zoveel als een coalitie van Geert wilders, Rita Verdonk en Mark Rutte. Berlusconi’s gezelschap bestaat uit de uiterst rechtse Lega Nord, de PVV en Vlaams Blok door elkaar gehusseld, de Nationale Alliantie van Gianfranco Fini, voortgekomen uit de neofascistische beweging en zijn eigen Forza Italia, zeg maar Trots op Nederland met een vleugje VVD en John de Mol. Radikaal Links stort in elkaar, gaat van acht naar drie procent van de stemmen en haalt de kiesdrempel daarmee niet.

In 2003 was ik een van de deelnemers aan het eerste Europese Sociaal Forum (ESF) in Florence. Dat was een geweldige ervaring. Zo’n 40.000 mensen uit heel Europa debatteerden en wisselden ervaringen uit onder het motto “Een andere wereld is mogelijk!” Op de laatste dag van het forum liep ik in de grootste demonstratie waar ik ooit aan deelnam. Een dikke miljoen mensen demonstreerden door de straten van Florence tegen de oorlog en voor een sociaal rechtvaardige wereld. Het waren vooral jonge Italianen die de demonstratie zo groot en enthousiast maakten. De beweging tegen de neoliberale globalisering, voor het eerst massaal op straat in Seattle, was in Italië de drijvende kracht achter de opmars van links tegen het harde rechtse beleid van – toen ook al – Sylvio Berlusconi. Riffondazione Communista, de partij van Fausto Bertinotti, had afscheid genomen van het stalinisme en aansluiting gevonden bij al die jongeren in beweging.
Wat is er de afgelopen jaren gebeurt met die enorme hoop en strijdvaardigheid van de Italiaanse jongeren, de Italiaanse vakbeweging, de vredesbeweging en de opmars van Riffondazione Communista? Bertinotti heeft een paar jaar later de grote fout gemaakt zich op te laten sluiten in een coalitie van centrum links onder leiding van Romano Prodi. Na de verkiezingen van 2006 behaalde die coalitie een nipte overwinning op Berlusconi en daarna begon het gedonder. Prodi bleef op vrijwel alle fronten in de pas lopen met het neoliberale beleid van de Europese Unie en zijn voorganger Berlusconi. En verlengde de Italiaanse deelname aan de bezetting van Afghanistan. Franco Turigliatto, een kritische senator van Riffondazione, zei over de onmogelijke positie van zijn partij: “Ik ga niet op zaterdag tegen iets demonstreren om er op woensdag voor te stemmen“. Hij werd uiteindelijk uit de partij gezet.
Het is de tragiek van een radikaal linkse partij die zich laat verleiden om deel te nemen aan de macht zonder uitzicht op echte veranderingen. Als zelfs de hoop van links – tegen heug en meug – mee gaat zingen in het koor van de neoliberale politiek met een sociaal sausje, dan vervliegt bij velen de hoop en het idee dat het ook echt anders kan. Mensen kiezen dan liever voor het origineel dan voor de kopie. Voor gematigd links van Veltroni om erger te voorkomen en waarvan ze al weten dat ze er niet al te veel van moeten verwachten. Of mensen houden het voor gezien, een desillusie rijker.
De Italianen moeten zich opmaken voor opnieuw een keihard rechts beleid. En dat in een periode waarin de Italiaanse economie in het slop zit. De klappen zullen vooral vallen aan de onderkant, onder de vele werkloze jongeren en in het arme zuiden van Italië.
Italiaans links zal zich moeten herpakken, lessen trekken uit de nederlaag en het perspectief op echte veranderingen herstellen. Want een betere wereld blijft mogelijk!
Van alles en nog wat, Ver van het bed |
Geen Reactie


